Bookbot

Protocollaire behandelingen in de ambulante GGZ

Enregistrer

Paramètres

  • 384pages
  • 14 heures de lecture

En savoir plus sur le livre

De protocollaire behandeling bestaat uit dertien sessies van 45 tot 60 minuten. De sessies vinden wekelijks plaats maar kunnen na sessie 8 ook om de twee weken gepland worden. De belangrijkste elementen van de behandeling zijn: een goede uitleg over de stoornis, relaxatietraining, interoceptieve exposure, cognitieve t- rapie en exposure in vivo. Het is zinvol vooraf en na de behandeling meetinstrumenten ter evaluatie van de behandeling af te nemen. De volgende klachtenspecicentseke instrumenten zijn - schikt: de Agoraphobic Cognitions Questionnaire (ACQ) en de Body Sensations Questionnaire (BSQ) (Chambless e. a., 1984). De ACQ meet de aanwezigheid van agorafobische, catastroferende cognities, de BSQ meet hoe vaak bepaalde lic- melijke sensaties als hartkloppingen optreden en hoe bedreigend deze door - tie- nten beleefd worden. De Mobility Inventory (Chambless e. a., 1985) biedt een lijst van veel voorkomend agorafobisch vermijdingsgedrag en onderscheidt de aanwezigheid en ernst daarvan wanneer de patient in gezelschap van een ander - is en wanneer de patie- nt alleen is. Een Nederlandse vertaling van deze inst- menten is opgenomen in het Behandelprotocol bij angst en paniek; werkboek (Kampman & Keijsers, 2000) en psychometrische gegevens zijn beschikbaar (o. a. Bouman, 1995; Bouman, 1998; De Beurs, 1993; Keijsers, Hoogduin & Schaap, 1994). Voorts wordt in de behandeling een paniekregistratieformulier gebruikt (bijlage 2-1). Met behulp van deze registratie kunnen de begeleidende symp- men van een paniekaanval volgens DSM-IV en een aantal andere relevante - gevens in kaart worden gebracht."

Achat du livre

Protocollaire behandelingen in de ambulante GGZ, A. van Minnen, G.P.J. Keijsers

Langue
Année de publication
2004
Reliure
(souple)
Nous vous informerons par e-mail dès que nous l’aurons retrouvé.

Modes de paiement

Personne n'a encore évalué .Évaluer

Titre
Protocollaire behandelingen in de ambulante GGZ
Langue
Néerlandais
Publié
2004
Format
souple
Pages
384
ISBN10
9031342491
ISBN13
9789031342495
Séries
Mots clés
Médecine
Description
De protocollaire behandeling bestaat uit dertien sessies van 45 tot 60 minuten. De sessies vinden wekelijks plaats maar kunnen na sessie 8 ook om de twee weken gepland worden. De belangrijkste elementen van de behandeling zijn: een goede uitleg over de stoornis, relaxatietraining, interoceptieve exposure, cognitieve t- rapie en exposure in vivo. Het is zinvol vooraf en na de behandeling meetinstrumenten ter evaluatie van de behandeling af te nemen. De volgende klachtenspecicentseke instrumenten zijn - schikt: de Agoraphobic Cognitions Questionnaire (ACQ) en de Body Sensations Questionnaire (BSQ) (Chambless e. a., 1984). De ACQ meet de aanwezigheid van agorafobische, catastroferende cognities, de BSQ meet hoe vaak bepaalde lic- melijke sensaties als hartkloppingen optreden en hoe bedreigend deze door - tie- nten beleefd worden. De Mobility Inventory (Chambless e. a., 1985) biedt een lijst van veel voorkomend agorafobisch vermijdingsgedrag en onderscheidt de aanwezigheid en ernst daarvan wanneer de patient in gezelschap van een ander - is en wanneer de patie- nt alleen is. Een Nederlandse vertaling van deze inst- menten is opgenomen in het Behandelprotocol bij angst en paniek; werkboek (Kampman & Keijsers, 2000) en psychometrische gegevens zijn beschikbaar (o. a. Bouman, 1995; Bouman, 1998; De Beurs, 1993; Keijsers, Hoogduin & Schaap, 1994). Voorts wordt in de behandeling een paniekregistratieformulier gebruikt (bijlage 2-1). Met behulp van deze registratie kunnen de begeleidende symp- men van een paniekaanval volgens DSM-IV en een aantal andere relevante - gevens in kaart worden gebracht."